Hexagrammen
De 64 situaties van verandering, gelezen als patronen en vraagvelden.
In dit veld
64 objecten, gekoppeld aan beeldcontext en bronstatus.
Hexagrammen als situaties
De 64 hexagrammen vormen de herkenbare situaties van de I Tjing: geen etiketten, maar patronen waarin houding, timing en verandering zichtbaar worden.
Lees hier vooral de opbouw: boven- en ondertrigram, verwante structuur, publieke deur en bronstatus. De betekenis blijft gekoppeld aan corpus en Codex.
Een hexagram is geen voorspelling en geen karaktertype; het is een vraagveld dat zorgvuldige lezing vraagt.
Objecten
1. Scheppingskracht乾 · QiánKracht wil naar voren; zonder maat verandert zij van bron in druk.
2. Draagkracht坤 · KūnWat draagt hoeft niet te sturen om beslissend te zijn.
3. Stroef begin屯 · ZhūnHet begin leeft al, maar heeft nog geen droge grond onder zich.
4. Onwetendheid蒙 · MéngNiet elk niet-weten is leegte; soms staat inzicht nog in ruwe kleding voor je.
5. Wachten需 · XūWachten is hier geen leegte, maar trouw zonder bezit.
6. Conflict訟 · SòngNiet elk conflict vraagt om overwinning; soms is het al winst als de breuk niet
7. Leger師 · ShīWanneer kracht verdeeld raakt, vraagt de tijd om orde die gedragen kan worden.
8. Verbondenheid比 · BǐWat zich echt wil verbinden, moet eerst weten waar het aan trouw is.
9. Weinig inhouden小畜 · Xiǎo ChùNiet alles wordt hier door doorbraak gewonnen; het kleine houdt het grote voorlopig tegen.
10. Treden履 · LǚJe beweegt hier in de nabijheid van gevaar; alleen correcte stap houdt de verhouding heel.
11. Vrede泰 · TàiWanneer het hoge en het lage elkaar weer vinden, begint de wereld te ademen.
12. Stilstand否 · PǐWat nog overeind staat, leeft niet noodzakelijk nog met elkaar.
13. Gemeenschap同人 · Tóng RénGemeenschap begint waar de eigen kring niet langer de maat van alles is.
14. Groot bezit大有 · Dà YǒuGroot bezit vraagt niet eerst om trots, maar om waardigheid die kan dragen wat haar
15. Bescheidenheid謙 · QiānWat werkelijk hoogte heeft, hoeft haar niet uit te stallen.
16. Enthousiasme豫 · YùWanneer de kracht zich verzamelt rond een ritme, wordt beweging aanstekelijk.
17. Volgen隨 · SuíWie volgt zonder te toetsen, draagt andermans richting als eigen lot.
18. Herstelwerk蠱 · GǔWat bedierf wordt niet beter door schaamte of parfum, maar door werk.
19. Toenadering臨 · LínWat nadert brengt kansen mee, maar ook de plicht om niet slordig te worden in
20. Beschouwing觀 · GuānVoordat iets juist gezien kan worden, moet het eerst stil genoeg worden bekeken.
21. Doorbijten噬嗑 · Shì KèWat vastzit in de doorgang vraagt niet om overleg, maar om een zuivere beet.
22. Sierlijkheid賁 · BìVorm kan iets zichtbaar maken, maar zij mag nooit voor substantie doorgaan.
23. Afbrokkelen剝 · BōWat geen draagvlak meer heeft, valt niet door vijandschap maar door verlies van onderbouw uiteen.
24. Terugkeer復 · FùNa het uiterste van verwijdering keert iets kleins en waarachtigs terug.
25. Onschuld無妄 · Wú WàngWaar de beweging niet door berekening bedorven is, krijgt het ware vanzelf meer ruimte.
26. Veel inhouden大畜 · Dà ChùGrote kracht wordt hier niet losgelaten, maar verzameld tot zij richting waardig is.
27. Voeding頤 · YíWat je voedt, vormt je; wat je inneemt, spreekt later uit jouw mond terug.
28. Overmaat大過 · Dà GuòWanneer het dragende te zwaar wordt belast, vraagt de tijd niet om elegantie maar om
29. Afgrond坎 · KǎnHier helpt geen bravoure; alleen een zuivere stap houdt je uit verstijving.
30. Hechting離 · LíHelderheid brandt alleen goed wanneer zij zich kan hechten aan iets dat blijft dragen.
31. Resonantie咸 · XiánWat werkelijk raakt, dwingt niet; het beweegt doordat het binnenkomt.
32. Bestendigheid恆 · HéngDuurzaamheid leeft niet van hardheid, maar van een ritme dat zichzelf kan blijven dragen.
33. Terugtrekking遯 · DùnTerugtrekking is hier geen nederlaag, maar een vorm van waardigheid onder onjuiste verhoudingen.
34. Grote kracht大壯 · Dà ZhuàngGrote kracht is pas groot wanneer zij meer maat heeft dan drang.
35. Opkomst晉 · JìnWat werkelijk vooruitgaat, stijgt niet alleen op maar wordt ook zichtbaar in het licht.
36. Verduistering明夷 · Míng YíWanneer het licht in een verkeerde tijd zichtbaar blijft branden, moet het leren schuilen zonder
37. Gezin家人 · Jiā RénWaar de nabijste kring geen juiste vorm houdt, wordt elke grotere orde snel dun.
38. Tegenstelling睽 · KuíNiet elke tegenstelling vraagt om opheffing; soms moet verschil eerst zuiver verschil mogen zijn.
39. Hindernis蹇 · JiǎnWaar de weg niet open is, bewijst zich niet je snelheid maar je richting.
40. Bevrijding解 · XièBevrijding komt hier niet uit geweld, maar uit het losraken van wat zich te lang
41. Vermindering損 · SǔnVermindering wordt vruchtbaar wanneer het verlies iets onnodigs wegneemt en het wezenlijke ongemoeid laat.
42. Vermeerdering益 · YìVermeerdering is alleen gunstig wanneer wat groeit ook werkelijk de juiste richting voedt.
43. Doorbraak夬 · GuàiDoorbraak vraagt niet om lawaai, maar om een helder uitgesproken grens die niet langer wordt
44. Ontmoeting姤 · GòuNiet alles wat plots verschijnt, mag ook binnenblijven.
45. Samenkomst萃 · CuìVerzameling krijgt gewicht wanneer wat samenkomt ook rond iets werkelijks bijeenstaat.
46. Stijgen升 · ShēngOpklimming voltrekt zich hier niet met sprongen, maar door gestage opwaartse trouw.
47. Uitputting困 · KùnUitputting laat zien wat er overblijft wanneer druk niet meer met uiterlijk vertoon kan worden
48. Bron井 · JǐngDe bron vraagt niet om spektakel, maar om zorg voor wat dieper ligt dan het
49. Ommekeer革 · GéOmmekeer wordt pas waar wanneer het oude vel niet langer kan worden meegedragen.
50. Offervat鼎 · DǐngWat een vat waard maakt, is niet zijn glans maar wat het in juiste hitte
51. Schok震 · ZhènSchok breekt de vanzelfsprekendheid open en vraagt wat er dan nog recht blijft staan.
52. Stilhouden艮 · GènNiet elke beweging verdient voltooiing; soms is stilhouden de laatste juiste daad.
53. Geleidelijke groei漸 · JiànWat duurzaam wil aankomen, komt hier alleen verder door traag en passend te groeien.
54. Onderschikking歸妹 · Guī MèiWie binnengaat zonder centrale plaats, moet des te scherper weten wat wel en niet zijn
55. Overvloed豐 · FēngOvervloed verlicht veel tegelijk, maar juist daarom moet men niet blind worden van haar volheid.
56. Zwerver旅 · LǚWie geen vaste grond heeft, moet des te nauwkeuriger omgaan met zijn houding.
57. Zachtheid巽 · XùnWat echt binnendringt, doet dat hier niet met geweld maar met volgehouden zachtheid.
58. Vreugde兌 · DuìWerkelijke openheid verlicht, maar verliest haar waarheid zodra zij gezelligheid moet forceren.
59. Losmaken渙 · HuànSoms moet niet iets worden opgebouwd, maar juist worden losgemaakt wat zich te hard heeft
60. Begrenzing節 · JiéBegrenzing redt hier niet door klein te maken, maar door maat terug te brengen waar
61. Oprechtheid中孚 · Zhōng FúWaarachtigheid werkt hier niet als bekentenisdrang, maar als een binnenlijn die geen dubbel spel meer
62. Verfijning小過 · Xiǎo GuòWanneer het kleine hier overheerst, is niet groot gebaar maar juiste fijnheid de weg.
63. Na voltooiing既濟 · Jì JìJuist wanneer alles lijkt te staan, begint de moeilijkste taak.
64. Voor voltooiing未濟 · Wèi JìVlak voor de voltooiing wordt niet snelheid beslissend, maar het vermogen om niet te vroeg